woensdag 20 juli 2016

Waanzinnig warme woensdag, met een kutvis en een kaktuin

Het klonk misschien allemaal zo gesmeerd gisteren, het relaas over de hele avondsetting hier, maar niets was minder waar. Ik had mijn verhaal nog niet koud afgetikt en me gestort op een docu over de Nijmeegse Vierdaagse (kijktip van mijn stiefvader Walter), toen er van boven een ijzingwekkend gegil klonk. Waar normaal een liedje en een kus nog wel werkt, was het nu categorie 'niet stil te krijgen'. Ja, op mij. Just as the old days...

Dus daar lag ik, vol ongeloof naar mensen te kijken die voor de lol 40 of 50 kilometer wandelen, met een verhitte plakkerige peuter op mijn borst. Na tien minuten was ik er wel klaar mee. Ik ben geen kangoeroe!
"Mama gaat jou weer naar bed brengen, lieverd", fluisterde ik zachtjes in haar oor, terwijl ik mezelf op extreem oncharmante wijze in al mijn non-soepelheid van de bank af probeerde te hijsen. En waar ik dacht dat ze  volledig buiten westen was, bleek ze ineens toch nog in het land der levenden te zijn.
"NEE! IK WIL BIJ JOU LIGGEN!"
De toon waarop het gezegd werd, liet geen enkele twijfel of andere optie open. Belle had beslist.
ik heb het, tegen beter weten in, toch nog geprobeerd. Ik heb haar in haar bedje gelegd, gezongen, een kleine stukje kleinkunst weggeven door Peppa haar welkom te laten heten ('Hey Belle! Ik miste je al, kom je weer lekker bij mij liggen?') maar het was kansloos.
"IK WIL BIJ MAMA!"
Dus ik weer met baby en al naar beneden - zelfs even loslaten zat er niet in - alle lichten uitgedaan, Vierdaagselopers gedag gezwaaid en via de badkamer naar de slaapkamer. Onze slaapkamer.
"JAAA! GROTE BED!", riep ze enthousiast, toen ze in de gaten had wat er ging gebeuren. En nog voor ik er een voet in had kunnen zetten, had ze zichzelf al opgekruld, kontje omhoog, handjes onder haar buik en leek ze zelfs al te slapen. Ik kroop ernaast en opende Facebook op mijn telefoon. Dan maar even het wel en wee van de social-lui uitchecken. Naast mij draaide iemand zich abrupt om, schoof wat op en legde haar hoofdje op mijn borst, met perfect zicht op de telefoon.
"Gaan we even gezellig kijken mama?"
"Nou, nee. Jij gaat even gezellig slapen. Het is half twaalf geweest. Ik ben wel een beetje klaar met jou."
Noodgedwongen zette ik mijn telefoon uit en staarde in het donker wat voor me uit. So far tijd voor mezelf dus. De warme peuter naast me, drukte zich behaaglijk tegen me aan, legde een armpje om mijn nek en trok haar speen nog eens vacuüm. Het klonk alsof ze sliep. Ik durfde niet meer te bewegen, maar wist ook zonder enige medische interventie dat mijn lichaamstemperatuur nu een gevaarlijke hoogte had bereikt. Na een kwartier rolde ik heel voorzichtig onder haar vandaan. Nét op tijd. Het was kritiek, ik kookte inmiddels.

Zo'n twee uur later was ik er klaar mee. Ik had nog geen oog dicht gedaan, althans, niet met de slaap als gewenst effect. Hoe fijn het ook is om naar je snurkende kind te kijken, het is niet goed voor je nachtrust. Daarbij was ik als de dood dat ze morgenochtend om 05.00, of zo ergens rond zonsopgang, klaarwakker zou worden bij de opwinding dat ze niet in haar eigen bed lag, maar in mijn bed. En dat in mijn bed ook mijn telefoon zou liggen. En dat ze dus een paar handelingen verwijderd was van Peppa. En dat ik dan dus met drie uur slaap weer naar die veel te vrolijke roze bagger-big moest luisteren.

Ik tilde haar op, sloop met haar de trap af en legde haar terug in haar eigen bed. Met succes. En toen was er een mug. Zo'n mug die mij normaal altijd met rust laat, maar de schenkstroop uit Taco's aderen opzuigt. Bij gebrek aan zoet bloed, nam dit afgrijselijke insect genoegen met mijn citroensap. Dus zo liep ik om 02.00 de kamer af te speuren. Onze kamer, die op het bed na werkelijk geen énkele kleur buiten wit kent, maar toch nog een soort verstopparadijs voor muggen blijkt te zijn. Het zat mij allemaal niet mee.

Vanmorgen kwam de aap uit de mouw.
"Belle was in het grote bed! Belle moest even huilen. Ik was bang mama, het was heel eng."
Ah. Een nachtmerrie dus. Ze is er nog meerdere keren op terug gekomen. Het moet een horrorfilm zijn geweest.





We zijn inmiddels een dag- en avondprogramma verder. Er is gebarbecued in Vinkeveen, koffie gedronken op de plas en 'gekakt in de tuin'. Dat wil zeggen: in de luier, tussen de planten. Je leest het goed inderdaad, 'kakken'. Dat is van de ene op de andere seconde de nieuwe benaming geworden voor poepen.
"Wat zit je te doen Bel?"
"Ik zit hier even te kakken, ja?"
Ik weet ook niet van wie ze dat nou weer heeft. Ach, het valt allemaal in het niet bij de naam die ze de eenarmige kreeft die Wout voor haar ving toedichtte.
"Dat is een kutvis." Mevrouw Jans had gesproken.

Het heeft allemaal geen nut meer. Verloren zaak. Ze vloekt als een bouwvakker, met haar koddige engelengezichtje.

Woensdag 20 juli gaat de boeken in als een bar-hete dag in Nederland, maar volgens mij doe jij in Frankrijk niet voor ons onder. En dan hadden wij de verkoeling van de Vinkeveense Plassen...

Nog vijf nachtjes slapen.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen