vrijdag 29 juli 2016

Over diepe kloven en vieropeenrijen met Belle

Je gaat natuurlijk niet naar Zuid-Frankrijk om daar een week op een paar vierkante meter te vegeteren. Dus plan je ook wat uitjes in, je moet tenslotte wel een verhaal hebben als je thuiskomt. Gorges du Verdon, ook wel de Grand Canyon van Frankrijk genoemd; zoiets kan alleen maar tegenvallen als je het originele exemplaar in Amerika hebt aanschouwd. Maar omdat de plaatjes best koddig waren (of gewoon leuk gephotoshopt) en een beetje natuureducatie op vakantie geen kwaad kan (categorie: ook als het geen licht geeft, gemotoriseerd is of 4G heeft kan het vermakelijk zijn), laadden we het olijke drietal in de auto en gingen we op excursie. Al na een half uur werd Floor wagenziek, een nog ontbrekend onderdeel van de vakantie-met-kinderen-bingo. Toen we na een uur bij het eerste spektakelpunt aankwamen, een enorme brug over een misselijkmakend hoge kloof, bleek dat Frankrijk best een aardige rip-off van de echte Canyon te pakken had. We waren aangenaam verrast. En toen er van die brug ook nog eens om de zoveel minuten iemand aan een stuk elastiek naar beneden sprong, was ook Wouts aandacht definitief getrokken. Alleen Floor zag inmiddels groen en dat werd er niet beter op als ze d'r diepte in tuurde. Het breekpunt kwam toen ze een man zag springen. Aan een stuk touw weliswaar, maar de plaatsvervangende spanning was zo groot dat ze spontaan in tranen uitbarstte. Zo kon ook 'de onverwachte huilbui' worden afgevinkt - bingo nabij.
Floor ik en ruilden van zitplaats in de auto, zij viel in slaap, ik liep een zesdubbele hernia op door de onmogelijke houding tussen Wout en de enorme kinderstoel van Belle in, maar na 45 minuten kwam er ook aan deze beproeving een einde. We waren er!

Een prachtig blauw meer. Vol stenen. Floor was wonderbaarlijk genezen en Belle hysterisch door het koude water. Wout zag dat gekloot aan zo'n strandje niet zitten. We konden ook een waterfiets huren om de canyon in te gaan. Ik vond het allemaal prima, zolang ik maar niet hoefde te trappen. En zo zaten we niet veel later met een slordige zeshonderd andere toeristen 'op het water', tussen metershoge rotswanden waar heldhaftige thrillseekers tegen alle regels in tóch van af sprongen. Het was écht heel mooi!





En nu zijn we weer 'thuis'. Ik heb zojuist een potje vier-op-een-rij gespeeld met Belle, wat uiteraard een extreem kansloze onderneming was. Overal stenen. En ze wilde met rood én geel spelen.

Taco leest een boek, kindjes de Waard spelen een spelletje pesten en Belle voert de denkbeeldige muizen onder het terras schilletjes van pistachenootjes.
 
Oh, nu gaat ze naar bed. Taco neemt het slaapkindjeslaap-ritueel op zich. Wat zal het rustig worden, aan de Côte d'Azur... Verder kan ik het heugelijke nieuws brengen dat ik m'n boek al meer dan half uit heb.
En de kinderen vinden Frankrijk mooier dan verwacht. Het Wifi (*) is alleen beneden een voor hen ook maar enigszins acceptabel niveau. Wát een ellende.
(* Wifi is zo onacceptabel dat het 2,5 uur geduurd heeft voor dit bericht geplaatst werd. Maar: boek uit! Ik kan m'n geluk niet op!)

donderdag 28 juli 2016

Van felle oorlog tot volstrekte anarchie in het peuterzwembad

Wie nog met droge ogen durft te beweren dat kinderen onschuldig zijn, heeft zich nog nooit aan de rand van een kinderbadje op een vakantiepark in Fréjus gezeten. Zelden een stel zo extreem intolerante schepsels bij elkaar gezien als deze peuters en kleuters. Er woedt hier al uren een fikse oorlog, waarbij het mij ergens wel deugd doet dat onze Belle vrij sterk uit de strijd komt. Maar tegelijkertijd beangstigt het ook behoorlijk dat ze de aanstichtster van tal van ruzies is.

De inzet? Alles. Dit gaat niet over religie of landsgrenzen, maar over persoonlijk territorium, jouw emmer, mijn emmer en de volgorde van het van de glijbaan gaan. De bezittingsdrift ligt vandaag extra gevoelig aangezien ze Peppa vlak voor vertrek naar het zwembad uit haar jurkje hielp en inmiddels mee het water in heeft genomen. 
De grootste vijand is een spierwit cq rossig Brits mannetje van een jaar of drie, dat gehuld in een oranje Nemo-UV-werend pak, het peuterbad tot zijn domein heeft verklaard. En dat is natuurlijk tegen het zere bene van Belle, die de Britten sinds Brexit in geheel Europa tot persona non grata heeft gebombardeerd. Het ging eergisteren al mis, toen het jongetje in de speeltuin in 'haar' auto wilde zitten. Met een ferme zet, duwde ze hem eruit en trok het portier dicht. Oprotten. En ook hier houdt ze hem als ze even kan buiten de poorten. Als hij het zwembad in wil, kan hij op haar weigerende handen rekenen. Nou is het niet zo dat de Britse Nemo zich er iets van aan trekt. Hij maakt er een sport van om in onbewaakte ogenblikken vlak naast haar in het water te springen. En dan komt heg tot een confrontatie, waarbij ze heel dicht tegenover elkaar gaan staan en elkaar of duwen, of nat spetteren.

 De anarchie is nu ik dit schrijf compleet: er heeft iemand uit pure nijd in het water gekakt. Het bad is afgezet met linten, de hygiënische commissie test met een ernstig gezicht het water, loopt rond met schepnetten en strooit kilo's chloor rond en de kleine terroristen hebben een verplicht staakt het vuren opgelegd gekregen. Even bijkomen op de bedjes. Ik weet niet of ik me geestelijk over dit ranzige drama heen kan zetten.

We doen allemaal wel op social media alsof het één groot paradijselijk gebeuren is, zo'n vakantie, maar ik denk dat wij ouders elkaar mee steunen als we de waarheid aan elkaar vertellen. De waarheid als in conflicten waar ze in Syrië geen weet van hebben, de idylle van een verse drol in het water en hordes a-ritmische vakantiegangers die onder leiding van het animatieteam een dansje doen in de brandende zon. En dan je vriend, die alwéér ligt te powernappen omdat ie 3,5 week non-stop heeft gewerkt. Ik ben benieuwd hoe Froome er deze dagen bij ligt.

Zo maar eens kijken of we Bel aan de middagslaap krijgen, kan ik misschien nog een paar pagina's uit m'n op Schiphol vers aangeschafte boek lezen. Maar iets zegt mij dat ie in nieuwstaat mee huiswaarts gaat.

woensdag 27 juli 2016

Fuckface: je hebt een uitgebreid vocabulaire of niet!

Nou lieve lui, we zijn er hoor, en hoe! Dat hele nachtelijke opstaan met Miss Belle ging prima en het vliegen was ook geen enkel probleem - als je niet meerekent dat we om de zoveel minuten moesten voorkomen dat ze de vliegtuigstoelen te grazen nam met een viltstift. 



Het 'hoog in de lucht, als een vogel in z'n vlucht' kon haar gestolen worden. Ik heb een paar keer gepoogd haar te laten zien dat we echt heel hoog waren en boven de wolken vlogen, maar 'blasé' typeerde nog wel het meest haar lauwe reactie.  

Gisteren hebben we boodschapjes gedaan in Monaco (hoe afgrijselijk decadent klinkt dát!) en vandaag hebben we St. Tropez even aangedaan. Wout heeft wat bootjes beoordeeld en een leuk exemplaar uitgezocht. Het gemak waarmee ook de kleur werd bepaald, was alsof het een nieuw paar sokken betrof. "Echt iedereen heeft een witte boot. Daarom zou ik een zwarte nemen."
Enkele seconden na deze uitspraak, liep er een Nederlands gezin voorbij, met een sjokkende puber in de achterhoede, die zij eveneens over het nautische gebeuren in de haven uitliet: "Die boten zijn wel fucking vet. Maar je moet wel een zwarte hebben."


Over fuck gesproken. Dat woord werd gisteren geuit in de auto, door Wout. En je kunt in bijzijn een zin met zestig woorden uitspreken, het woord 'fuck' herhaalt ons linguïstisch wonderkind direct als een op hol geslagen papegaai talloze keren. 
'Fuck! Fuck! Fuck!', klonk het, terwijl Taco de gehele auto bestraffend toesprak opdat wij voorkomen dat Belle een vloekende bootwerker wordt. Enkele minuten later werd hij gesneden door een maniakale Fransoos. "Wat ben jij nou voor een fuckface", foeterde hij, z'n stukje educatie van zojuist alweer volledig vergeten. En hoe ze het doet, foet ze het; ze voelde meteen aan dat ook dit woord aan haar vloekarsenaal moest worden toegevoegd. 
"Fuckface!!!! Fuckface!!!"
Probeer dan nog maar eens met je verstand te reageren...

As we speak ligt Floor in het water en zit Belle als amazone op haar zeepaard. En hoewel je zou denken dat ze van al dat zwemmen doodmoe wordt: het gaat nog een hele klus worden deze zeemeermin zo gestrekt en stil te krijgen. 


We gaan even een hapje eten. Tot zover de eerste update vanaf de Cote d'Azur!

maandag 25 juli 2016

Maandag: He's back!

Ja, jeetje. En dan word je wakker met het idee dat er vandaag een einde gaat komen aan de beproeving. Aan mijn 'singel lady' bestaan. Mán, het was alsof ik een first date had! Moeten we vaker doen...

Over je dochter kan ik het volgende zeggen: die was er klaar voor dat je thuiskwam. Er was een soort hyper-extase. Een extreme opwinding, die zich misschien nog wel het meest uitte op het moment dat ze in opperste hysterie een AH-bonus-poster van de wand trok. Ach, we zijn wat gewend.
Ik zie haar nog afgelopen kerst met van die fijne meterslange zelfklevende Hamster-stickers over de kaas/broodafdeling paraderen. Je schaamt je ergens kapot, maar tegelijkertijd denk je: 'You go girl! Anarchie, slopen die supermarkt!' Het werd pas echt rommelig bij de Read Shop, waar ze de geluidsbarrière doorknalde omdat ze het de zomerse-caravan-kerststal-achtige-settig bij Blokker niet mocht meenemen. Lekker krijsen op de grond, voor een rek tijdschriften. Je bent een puberpeuter of niet, Bel, en ik had een originele met alles erop en eraan besteld.


Ze viel als een blok in slaap om 13.00. En dus kwam mijn belofte uit. "Als je zo wakker wordt, is papa er!" Je was er. En hoewel het allemaal niet over-enthousiast te noemen valt, was er zeker een mate van geluk. Het moest even loskomen, maar toen ik je een sloridge anderhalf uur later zag powernappen, met je dochter in je arm, wist ik dat we weer compleet waren.
De koffers zijn half ingepakt, ik ga er gemakshalve van uit dat ook de oudste puber inmiddels slaapt (WOUT! SLAAP JIJ?) dus ik zie met groot genoegen uit naar 04.00 uur, de tijd waarop onze wekker gaat en we naar Schiphol gaan voor een weekje op chique resideren in Zuid-Frankrijk. We touren een klein stukje door Monaco, nemen de inmiddels helaas historische Promenade d'Anglais mee en dan gaan we even een weekje niksen.

Ach, misschien blog ik wel wat. Over de kinderen, over de camping. Over het leven aldaar of misschien al wel over de vlucht morgen. Maar voor nu wil ik een ieder bedanken die mee-las. Jullie waren talrijk en lief en enthousiast. En jullie deden mij inzien wat ik allang wist: ik heb de drie leukste kinderen op aarde gebaard. En dat is niet niks! Zolang we maar inzien dat die kleine, waanzinnige, belachelijke of ogenschijnlijk nietszeggende geluksmomentjes het leven zo veel meer dan waard maken, dan denk ik dat we een heel eind zijn. En verder, aan alle ouders die het net zo moeilijk hebben als ik: jullie zijn niet alleen...

Fijne vakantie! Ik meld mij als er iets te melden valt! X


zondag 24 juli 2016

Zondag, de dag die begon met een gigantische klap...

Het was vroeg, althans, vroeg voor een zondagochtend. Ach, nee: hoe dan ook vroeg, alles voor 08.30 uur kan niet gezond zijn voor een mens, vind ik. Ik werd wakker van een snoeiharde klap. Een snelle blik op mijn telefoon leerde mij dat het 07.28 was, ruim een uur voor de norm dus. Enkele seconden later hoorde ik geluid uit Belles kamer. Mijn gemoedstoestand liet zich nog het beste omschrijven als 'verward'. Want wat veroorzaakte die klap en waarom was Belle nu al aan het praten? Zij moest de aanstichtster van het geluid zijn. Ze had vast een volle drinkbeker water tegen de spiegel in haar kast gegooid, ofzo. Nog nooit eerder gedaan, maar met Bel is alles mogelijk. En hoewel blijven liggen en de noodtoestand in huis te negeren de aantrekkelijkste optie leek, ben ik toch maar poolshoogte gaan nemen.

In de kamer van Bel leek alles op het eerste oog volstrekt normaal, buiten het feit dan dat er nu al een wakker meisje in het bed lag.
"Wat doe jij?" vroeg ik haar, in de hoop dat ze verheldering zou brengen.
"Ik lig inne bedje."
Hm, hier zou ik de oorzaak niet vinden dus.
Ik trok direct de conclusie dat ik de klap had gedroomd.
"Ga je mee nog even bij mij in bed liggen? Het is nog nacht."
"JA! Inne grote bed, even televisie kijken."
Ik verheugde mij op nog een half uurtje rust, als in geen gesprekken hoeven voeren, omdat YouTube de opvoedkundige rol over nam. Ze kroop tegen mij aan, drukte een speen in haar mond en vroeg:
"Mag ik papa kijken?"
Ik smolt. Ach, ze miste haar vader. Natuurlijk, 3,5 week zonder de belangrijkste man in je leven is ook niet niks voor zo'n klein meisje.
"Aaaah, wil je papa kijken?" Ik opende Facebook al om ergens een foto van je op te sporen, toen ze haar speen uit haar mond trok en de romantische bubbel met een venijnige stem doorprikte.
"Ik wil PEPPA kijken!"
 "Oh. Peppa. Natuurlijk, niet papa."

We hebben nog even lekker samen in bed gelegen, toen we na het luiden der Waverveense kerkklokken toch eindelijk officieel aan de dag begonnen. En toen we beneden kwamen, werd het mysterie 'vroege-ochtend-klap' opgelost. De volstrekt nutteloze, maar uiterst decoratieve vooroorlogse schoolkapstok in de keuken was van de wand gelazerd. Ons allereerste boorprojectje met de splinternieuwe boor, zo'n twee, drie maanden terug. Mislukt dus. Wat we zelf allang wisten, werd definitief bevestigd: wij zijn niet gemaakt om te klussen. Los van het feit dat we allebei denken alles beter te weten en dat met veel herrie aan elkaar duidelijk maken en het 99 van de 100 keer ontaardt in een fikse ruzie, kunnen we het dus ook gewoon niet. Ik heb Walter gebeld die later op de dag een masterclass boren zou geven.

Maar eerst naar de kinderboerderij. 

De kinderboerderij. Belle hoorde van de plannen, vulde direct een speelgoedboodschappentas tot aan de rand met de halve inhoud van haar winkeltje (broodjes, taartjes, flesjes melk), klemde een uit Floors bed gejat beertje onder haar arm en liep naar de auto. Klaar om te gaan. Bij het instappen ontdekte ik dat ze ook nog een virtueel V-tech huisdier had meegenomen, een klein computertje waar je allemaal spelletjes op kunt doen én...dat alles met een Alvin & The Chipmunks-stem nazegt. Dus werden al mijn instructies herhaald én alle bagger die Belle uitkraamt ook. Dat maakt de situatie er niet serener op, kan ik je vertellen.

Onderweg, ter hoogte van Ruizendaal, viel de knuffel van Floor naast de stoel, op de grond. Dat zorgde voor extreme kortsluiting. Gillen. Ik moest het pakken. En nou hoor ik iedereen denken: Laat haar gillen! En die gedachte begrijp ik volledig. En ik heb het ook even geprobeerd. Maar zo werkt dat dus niet bij Bel. Die gaat net zo lang door, totdat je het hebt opgelost. Dus als we vanuit Waverveen in één ruk naar Zuid-Spanje waren doorgereden, had ik een slordige 24 uur herrie moeten aanhoren dat ik dat ding op moest pakken. Uiteindelijk heb ik de auto langs de N201 in de berm gezet, dat ding opgepakt en zijn we in relatieve rust doorgereden. Maar eigenlijk had ik gewoon moeten omkeren. Je voelt als moeder aan je water aan dat het geen opperbest initiatief is.

Op het parkeerterrein leek het nog wel grappig te gaan worden.
"Hey! Mama-auto!"
"Ja, dat is een Fiat."
"En nog een mama-auto!"
"Ja, nog één!"
"En kijk! Isse Joen-auto! Dat isse grappig!" (Lacht alsof het inderdaad om te gieren is...)
"Ja, dat is net zo'n auto als Jeroen heeft. Een Ford."
"Een fuck." (Denk Engels uitgesproken, dus Fàk! Een woord dat ze ook heel bewust gebruikt als ze iets op de grond laat vallen.)
"Nee, geen fuck, een FORD."
"Ja! Een Ford."
 Maar het ging mis bij binnenkomst. Het terras zat bomvol moeders die er waarschijnlijk al vanaf vanmorgen 07.30 zaten te vegeteren met hun koelboxen en vriendinnen en ik voelde me een beetje alsof ik in een verkeerde dresscode te laat en in mijn eentje binnenkwam op een feestje waar ik niemand kende. Iedereen keek me aan. Voor de goede orde: ik zag er doodnormaal uit. Ik had keurig kleren aan en kwam niet in een netpanty, een leren naveltruitje en een roze boa om mijn nek binnen. Ik was gewoon nieuw bezoek en dat stond gelijk aan opwinding voor de dames. Ik zocht ergens een plekje op, waar ik Belle los kon laten, maar daar was toevallig een kip aan het rondscharrelen. Gillen.
"MAMA! MAMA! KIP!!! IK WIL WEG!!! MAMA OPTILLEN!!!"
Ik was nu echte een bezienswaardigheid geworden met Miss Hysterica. Ik verkaste naar een kiploze hoek, waar ze een loopwagentje claimde. Er liep een kindje in haar zone (een soort denkbeeldige kring om Belle heen, met een diameter van zo'n drie meter), die fors werd toegeblaft.
"NEE KINDJE! JIJ MAG NIET AANKOMEN! ISSE BELLE AUTO! IS MIJN!!!!"
De andere moeders keken bestraffend mijn kant uit. Vooral de moeder met de permanent ongeruste frons (ogen in de sperstand, waardoor het hele voorhoofd in de verdrukking komt) keek zuur. Ze ontweek mijn blik en stampte in haar felblauwe doorkijktuniek-waar-je-ook-in-kunt-kamperen naar haar kind toe. Haar ene hand in zo'n 'ik-heb-altijd-pijn-brace', in de andere hand een Curverbak met fruit.
Haar stem trok ze zes octaven hoger, blijkbaar om in de gehoorzone van haar kind te komen.
"Daan! Kijk eens fruit. Ik heb aardbeien en blauwe bessen. Daan, wil je fruit? Pak maar!"
Als iemand op zo'n toon tegen je praat, ben je wat mij betreft volledig legitiem bezig als je de hele Curverbak met een gerichte klap uit haar handen mept. Wát een verschrikkelijke moederkloek. Daan pakte om zijn moeder gerust te stellen één blauwe bes uit het bakje, wat ze blijkbaar het grappigste vond dat ze ooit had meegemaakt.
"Pakt ie één blauwe bes", gierde ze naar haar vriendin die ergens achter haar op het terras zat. De grap was in een wijde omtrek te  horen.
Vervolgens viel mijn oog op een moeder die het baren blijkbaar als hobby had omarmd. Aan de leeftijden van haar drie kinderen te zien waren de laatste twee verwerkt in de kraamweek en de peuter die ze op haar heup hield, leek daar wel uit te groeien, zo verkleefd kwam het allemaal over.  Zo'n typische moeder die borstvoeding geeft tot de kinderen de deur uit gaan en er een stuk of acht wil. Het waren ook van die kinderen die kikkererwten eten alsof het bitterballen zijn. En stukken wortel wegknagen alsof je ze lolly's voert. Een heel linksdraaiend gebeuren. Ook met deze vrouw zou ik geen nieuwe vriendschap sluiten, ik trok helemaal scheef op het feit dat ze alles, maar dan ook werkelijk alles wat haar kinderen deden, voorzag van tekst.
"Ja goed zo Roos. Kijk maar uit. Vraag het anders dat jongetje maar. Roos, vraag het dat jongetje maar. Nee, dat is een happer. Die is te zwaar. Ja, die hapt zand, maar die is te zwaar voor je. Roos, die happer is te zwaar. Kijk maar, dat jongetje kan het ook niet. Het is ook een beetje gevaarlijk."
VROUW! HOU-JE-KOP!
Belle stapte ondertussen over op een ander loopwagentje en kwam daarbij lekker lomp ten val. Niet hard, niet heftig, maar wel goed genoeg om het kleine wondje op haar teen weer open te halen. Ze huilde wat, ik tilde haar op, nam haar even op schoot en hoorde achter me de moederschare fluisteren; "D'r voet bloedt. Ach gossie."
Ik draaide me vrij abrupt om en zag een slordige vijf paar ogen op mij gericht. Ogen van vrouwen in driekwartsbroeken die de schoenen/slippers hadden uitgetrokken en de vochtenkels en eeltvoeten over de koelbox lekker relaxed op de stoel voor ze hadden gelegd. Even fijn ontspannen in de kinderboerderij.
Ze keken direct weer naar elkaar. Even twijfelde ik of ik ze moest zeggen dat het wondje aan de voet met het blote oog niet terug te vinden was en Belle pleisters er binnen een minuut weer aftrekt. Maar ik besloot weer te verkassen. We hebben samen een rondje gedaan langs de pauw, de kalkoenen, de geitjes en de kalfjes. En we hebben lekker benauwd in het konijnenhok gezeten.
 Uiteindelijk is er toch nog even gespeeld in de zandbak, maar de kracht van het territorium was weer heel sterk. Een volgende keer huur ik de kinderboerderij wel af voor de prinses. Dit is geen doen.
Bij vertrek zou ze zelf wel even haar gordels omdoen. Onbegonnen werk natuurlijk (again!), maar deze ezel stoot zich met liefde en eigenwijsheid voor de tachtigste keer aan de zelfde steen.
video
Thuis kwam opa de kapstok weer ophangen. Daar zou ze wel even bij 'heppelen'. Ze trok er een kruk bij, klom daar op en kwam toen nog zeker anderhalve meter lengte tekort om daadwerkelijk een nuttige bijdrage aan de klusactie te kunnen leveren. Achteraf maar goed ook, want toen opa de boor in werking stelde, gilde ze van pure paniek heel Waverveen weer bij elkaar.
Ze slaapt. Floor is naar vriendinnen en Wout zit boven te gamen bij gebrek aan chill-mogelijkheden. Misschien gaan we vanmiddag nog maar even lekker de plas op, het is er het weer naar.

Nog één nachtje en dan hebben we de beproeving overleefd. Ik zou een extreem slechte vrouw zijn in een relatie waarbij zo'n man om de zes weken uitvaart om vissen te vangen of ergens iets uit te baggeren. Of zo'n man die wordt uitgezonden naar een oorlogsgebied voor een half jaar. Hoewel het allemaal zeer overzichtelijk was de afgelopen 3,5 week en ergens ook wel rustig, mis ik onze felle discussies, ons geschreeuw tegen elkaar, het samen lachen om onze dochter en je lange armen om mij heen. Fijne avond in Parijs, doe voorzichtig en kom alsjeblieft heelhuids thuis! X

zaterdag 23 juli 2016

Zaterdag: over kipfilets met ogen, Pokémon op de dijk en 'even' naar Abcoude varen...

We waren vandaag vroeg op, KPN zou de nieuwe telefoon leveren. Oh nee, natuurlijk niet. Er ging voor de achtste keer iets mis, waardoor ik voor de derde keer een dagdeel voor Jan Lul thuis ben gebleven. Ik bespaar je de details, maar spreek hierbij wel hardop de wens uit dat ik méér dan graag eens met Bob Mols, de KPN directeur die alle brieven en contracten tekent, om de tafel zou willen. Dan zal ik hem eens vertellen dat het verre van efficiënt is om je callcentre vol te zetten met mensen zie nét aan hun eigen naam kunnen spellen. So far stukje frustratie. Over tot de volgende ergernis.

Koffie. Ik zette vanmorgen koffie, voor mezelf. Dat had ze direct door. "Ik ook koffie!" Daarmee bedoelt ze dat ze ook een bekertje opgeklopte sojamelk met kaneelsuiker wil, maar het zou ook geen enkel probleem zijn als je haar een dubbele espresso geeft. Belle vindt koffie namelijk héél lekker. Ik maakte voor haar ook een glas en zette het buiten op tafel neer.
"Kijk je uit, daar staat je koffie."
"Ja, ik kijk uit hoor!"
"Belle... Je gooit het bijna om."
"Niet hoor. Ik kijk uit."
(Pakt allemaal speelgoed, duikt rakelings langs het glas.)
"BELLE! KIJK NOU UIT!"
"Ja, ik kijk uit."
"Drink het anders maar gewoon op."
"Ja, zo, JA?"
"Het gaat om."
"Nee hoor. Ik ziet het."
"Belle, dat glahas."
"Jaha!"
En 3,14 seconden later lag het opgeklopte melkschuim o-ve-ral.
"BELLE! VERDORIE! NU BEN IK BOOS OP JE! IK ZEG HET TWINTIG KEER!"
"JA! Nu moet jij even een doekje pakken."
"Ja, nu moet ik even een doekje pakken."
"Moet ik even heppelen?"
"Nee, laat maar. Maar ik ben wel boos."
"JA!" Trekt een soort kneuterig gezicht: "Grappig hè?"
"Nee, dat vind ik niet grappig. Dit is toch niet leuk?"
"Het is wel gezellig."
Dus...

Gelukkig richtte de aandacht zich daarna weer volledig op haar speelgoed. Waar ze dus ook tegen praat. Dit keer tegen een zeemeerminbarbie.
"Kom maar, wil jij van de glijbaan? Ik hou je wel vast. Ben je niet bang?"
Aan fantasie geen gebrek. Zo bleek ook later weer, toen we een broodje aten, zij de kipfilet er af trok en ineens iets ontdekte.
"OGEN! TWEE OGEN! DE WORST HEEFT OGEN!"
Ze heeft gelijk, als je héél goed kijkt. Kipfilet met ogen. Dat maak je ook niet vaak mee.
Verder heb ik vanmorgen drie keer voorgelezen uit de AH Bonus-folder; standaard op zaterdag, daar gaat ze echt voor zitten. Het is maar goed dat we deze week op vakantie gaan, want het was een tegenvallende editie dit keer.
Toen ze op bed lag, en Jeroen Floor kwam brengen om vanavond met Wout naar Feyenoord te gaan, heb ik Wout gevraagd of hij even voor wil doen hoe je een Pokémon vangt.
"Mam, hou er maar over op. We wonen in Waverveen, er is hier niets."
Maar sinds ik van de overbuurjongen weet dat er bij ons op de dijk een heel goede zit, ben ik toch wat onrustig. Ik rij er dagelijks zestien keer overheen, dat geeft een ongemakkelijk gevoel. Ik heb het nu gezien. Er zaten er drie op de dijk trouwens. Ik begrijp de opwinding, maar ik heb besloten deze rage volledig aan me voorbij te laten gaan. Het past gewoonweg niet in mijn drukke schema. Daarbij ben ik er te oud voor. Floor is nog wel even met een dijk-exemplaar op de foto geweest. Leuk voor later. Het is een Drowzee. En in de boom achter de Drowzee zat een specht. Een echte. Over spannend gesproken.
Na de middagslaap besloten we te gaan varen en patatjes te halen in Abcoude. Dat hadden we immers gisteren niet gedaan. Maar goed, zet drie vrouwen achter het roer, laat ze een nautische planning maken en de ingrediënten voor een logistieke ramp zijn compleet. Al in de sluis bleek het woordje 'even' in 'even naar Abcoude niet van toepassing te zijn. Het zou zo anderhalf uur heen en dus ook weer terug zijn. En dan zouden we de sluis terug niet meer redden. Het zou Belle jeuken, die was vooral in tranen om de borrelende sluisdeuren.
"Ik wil niet meer varen! Ik wil naar huis!"
Walter, die op de kant met Guusje voor op de fiets stond toe te kijken, opperde dat ze wel naast Guus in de mand mocht. Dat greep Bel met beide handen aan.
"Ik wil met opa mee naar huis!"
Meiheid. Doe nou niet zo hysterisch iedere keer!

We zijn uiteindelijk gestrand bij de Voetangel, daar tussen het semi-chique publiek patat met bitterballen gegeten (Bel nog even charmant achter de stoelen op het terras zitten poepen) en 19.55 stonden we weer keurig in het sluisje bij Bon. Zo zie je maar, het komt altijd weer goed.

Bij opa was het natuurlijk weer lastig wegkomen, maar vooral de reactie op mijn "Kom Bel, we gaan", was weer in de categorie' Je roept iets, maar hebt geen idee wat je zegt.'
"NO!!!! ...more monkeys jumping on the bed!"
JOE! Je kunt ook gewoon meekomen.

Sinds vandaag is overigens het bijten weer volledig terug van weggeweest. Ze had mij eerder deze week al te pakken, maar vandaag heeft ze haar tanden meerdere malen in Floor gezet. En Ze trekt aan haren, echt op een heel vervelende manier. Een kleine heropvoedingscursus zou geen kwaad kunnen.


Nou, de boer gooit buiten de koeien in het eerste land (veel onrust, er wordt heftig geloeid), Bel slaapt, Wout zit in de Kuip en Floor en ik gaan een wijvenfilm kijken. Nu kan het nog...

Nog twee nachtjes slapen!

vrijdag 22 juli 2016

Vrijdag: Lekker in je pyjamabroek over straat, meid! #noshame


Voor de broodnodige beeldvorming wil ik vandaag beginnen met een crowded-bedfoto van gisterenavond. En dan is dit dus nog een selectie van het gezelschap hè? En laat ik er vooral geen één uit dit groepje buiten het bed plaatsen, slechts drie knuffels mogen zich buiten de tralies ophouden. #neurotisch 



Vanmorgen, Hoofdweg, Waverveen:

"Je gaat vandaag nog één keer naar De Kindjes, dan een nachtje slapen, dan gaan we iets leuks doen, dan  nog een nachtje slapen, dan gaan we weer iets leuks doen en dan nog een nachtje slapen en dan...dan komt papa thuis!"
In de achteruitkijkspiegel een glimlach van oor tot oor, met in het midden een speen.
"En dan nog één nachtje slapen en dan?"
"DAN GAAN WE IN DE VLIEGMACHIEN!" (Door een oud-Hollandsch liedje van mijn oma, heeft ze het hier niet over een vliegtuig, maar een vliegmachien.)
"JA!"
"OP VAKANTIE! NAAR HET ZWEMBAD!"
"Ja, naar het zwembad!"
En toen een stilte, van hooguit vier seconden.
"Nog een keer vertellen."
En zo herhaalde ik de planning voor de komende vier dagen tussen ons huis en het kinderdagverblijf vier a vijf keer. Ze kreeg er geen genoeg van.

Uiteraard werd er bij afgifte op de crèche even gehuild (opdat ik niet zonder enige vorm van schuldgevoel aan mijn werk zou beginnen), maar bij het ophalen hoorde ik dat er volop bijdehand was gedaan vandaag. Ze moest haar korstjes opeten, maar daar had ze geen zin in. Dus leidde ze het gezelschap aan leidsters af door te vertellen dat ze...
...juist...
...nagellak op had. Het loopt als gespreksonderwerp een beetje uit de hand. Gisteren heeft ze het verteld tegen een puppy (echt!) en vanavond stond ze het weer tegen de buurvrouw te vertellen. Ze heeft natuurlijk geen idee dat de halve wereld middels deze weblog al op de hoogte is. Maar desondanks mag ze misschien zelf ook wel een beetje incalculeren dat het oud nieuws begint te worden.
Ze heeft tussen de middag heerlijk lang liggen slapen en dat was wel nodig ook, want ik moest nog even keihard werken voor het weekend en voor de vakantie. Ik heb haar uiteindelijk wakker moeten maken, uit angst dat ik vanavond weer tot middernacht met een klaarwakkere baby beneden zat.
"Ik ga zelf even broek aan doen, ja?"
Ze stond achter mij in d'r kledingkast te rommelen en rukte er een pyjamabroek uit.
"Schat, dat is een pyjamabroek. En ook een niet-te-missen-pyjamabroek. Zal ik een korte broek voor je pakken?"
"NEE! IK WIL DEES"
"Bel, we moeten zo naar de winkel. Zou je even een korte broek aan willen trekken?"
"NEE! IK WIL DEES!!!! IK WIL DEES, JA!"
"Joh, zoek het uit. Ga jij lekker als de dorpsgek over straat."
"Ik trek 'm even aan, ja?"
"Je doet maar."
Ik liep naar de badkamer en liet haar achter bij de kledingkast. Ik zou weldra geroepen worden dat het allemaal niet lukte en dan zou ik alsnog korte broek als optie in de strijd gooien. Zoiets als 'ik help je wel, maar dan doen we wel deze broek aan'. Keihard onderhandelen. Maar ik had een inschattingsfout gemaakt. Een halve minuut later stond ze achter me. Gillend. Met de pyjamabroek aan, maar aan de achterkant tot net onder haar luier opgetrokken. Ze was in blinde paniek.
"MAMA!! MAMA! JIJ MOET HEPPELEN!" (da's Belles voor helpen)
Ze wees op haar kont, waar ze de broek niet overheen kreeg.
"JIJ MOET HEPPELEN!!!!"
"Bel, doe eens normaal. Vraag het eens netjes."
"Mamaaaaa? Moet jij even heppelen?"
"Kijk, dat is al beter."
Ik trok de broek over haar hol en dolgelukkig huppelde ze de badkamer uit. Dit zou de look dus worden voor vandaag. En ze had ook al op niet te missen wijze laten weten dat ze niets in haar haar wilde vandaag. Slippers eronder, Ma Tokkie op pad.

Het was ver na vijf uur dat we beneden kwamen, hoogste tijd voor brood, besloot ze.
"Ik wil even drinken en een broodje, ja? Ga jij dat voor mij maken mama? Ik pak even speculoos."
In een fractie van een seconde had ze de volle pot speculoos te pakken, die ze snoeihard op de vloer liet kletteren. De deksel aan diggelen.
"O, o! Nou is ie stuk!"
"Ja, als jij zo onhandig doet wel ja."
"Maak jij even een broodje?"
"Nee, het is al veel te laat. We gaan zo eten. We zouden patatjes halen, toch?"
"JAAAA!"
Ze trok direct haar pop uit de kinderwagen, nam een fles mee voor onderweg en kondigde aan dat ze naar de auto zou lopen. Wat een onrust weer. Ik zette haar op het aanrecht.
"Jij gaat hier zitten, ik ga eerst de vaatwasser uitruimen."
"Oh. Gezellig. Zal ik even heppelen?"
"Nou, nee dank je wel. Ik heb gezien wat je net met die pot speculoos deed, meer scherven heb ik niet nodig vandaag."
"Zal ik even heppelen?"
"Nee. Geef jij de baby maar de fles."
"Oké. Is goed hoor."
video

En kort daarna belde Jeroen. Wout had last minute laten weten dat hij niet thuis zou eten en nu zat Jeroen met een falend inkoopbeleid. Zonder overleg of keiharde afspraken de avondmaaltijd plannen met Wout is Russisch Roulette. Of wij dan maar kwamen eten. Daar ging het hele patatplan.
"Bel, we eten bij Jeroen. We gaan morgen patat eten."
"JA! We gaan patat eten."
"Nee, we gaan bij Jeroen eten."
"Ja! Patat bij Jeroen."
"Nee. We eten morgen patat."
"Oké hoor."
En zo aten we vanavond in het pittoreske Wilnis, alwaar Floor aan tafel een lesje etiquette door haar strot gedrukt kreeg. Ik heb de les ook al talloze keren aan moeten horen, maar ik hou voet bij stuk. Mijn manier klopt. Belle is een baby, die weet er gewoon geen hol van. De les gaat als volgt. Je geeft iets aan Belle, waarna ze 'Dank je wel', zegt. Dan reageer je met 'Alsjeblieft!' En dan word je afgeblaft.
"Nee, dankjewel zeggen, JA!"
Ik heb het proberen uit te leggen. Meerdere keren. Zinloos.
video

Na het diner in Wilnis, zijn we nog even naar Max gereden, die zich weer eens op het aller-uiterste puntje van het land had geposteerd. Een soort Nijmeegse Vierdaagse om er te komen zeg maar en dat was mij in de avondhitte met Belle op mijn arm te ver. We hebben aan de andere kant van de weg staan zwaaien. Max leek content met de beperkte aandacht.

Ze ligt inmiddels alweer een uur, minimaal. De stilte is oorverdovend. De sticker zit op de etappe van vandaag, volgens mij begrijpt ze nu een beetje dat het bijna zover is...

Het was weer een enerverende dag! Nog twee hele dagen en dan mag je weer meegenieten.

donderdag 21 juli 2016

Donderdag: hoe de Dikke van Dale hier wordt opgezogen...


Zo. 22.45. Het is verre van vredig hier. Belle ligt het hele Waverveense wakker te gillen met haar hemeltergende geluid. Wat de oorzaak achter de onvrede precies is, durf ik niet te zeggen, maar ik vrees dat een vorm van oververmoeidheid er iets mee te maken heeft, hoewel het ook niet in haar voordeel meespeelt dat ze vlak voor het naar bed gaan nog even haar tanden door haar lip viel in een lompe ren-actie. Ik heb niet drie keer achter elkaar de songtekst van 'Ik wil een krokodil als huisdier' afgedraaid (dichterbij Kinderen voor Kinderen ben ik nooit gekomen), maar succesloos. Althans. Het was extreem succesvol toen ik het deed en haar tegelijkertijd over haar armpje aaide, maar het gewenste effect van avondstilte is uitgebleven. Ik pas momenteel de techniek 'lange adem' toe, waarbij ik dus die lange adem zou moeten hebben, maar waar Belle 'm waarschijnlijk wint. Mijn me-time is extreem gelimiteerd nu je er niet bent. Ik voel me soms net zo'n bavianenmoeder, die de hele dag met zo'n baby om zich heen geslingerd over de apenrots heen scharrelt. Zo'n vrouw heeft ook nooit rust, daar zou wel eens wat meer respect voor mogen komen.

Wat de dag ons verder vandaag bracht? Organisatorisch wel wat praktische dingen. Ik heb vanmorgen fijn een stukje administratie kunnen doen, terwijl Belle met haar twee baby's een appelwinkel was begonnen. Erg concentratieverhogend, dat er eens in de zoveel tijd aan je gevraagd wordt of je misschien ook een appeltje wilt kopen (kosten: één honderd geld) of dat je anders even een baby de fles kunt geven. Dus terwijl ik met links belastingpapieren op volgorde legde, voedde ik met rechts Baby Born bij. #multitasking.

21.51 – Net terug van een klein intermezzo. Het gillen evolueerde in ongecontroleerd krijsen en uit angst dat Jeugdzorg hier zo met een compleet crisisteam op de stoep staat en politiehelikopters met zoeklicht ons huis in beeld brengen voor de grondtroepen, heb ik ingegrepen. Ik heb het toneelstuk 'Ik pak je spenen af' opgevoerd. Dat kent een vrij simpel script, je komt als ouder wat geagiteerd de kamer in, zegt (of schreeuwt) dat je er helemaal klaar mee bent (wat overigens naar eigen gevoel in te vullen is, je kunt bijvoorbeeld ook zeggen dat je op je tandvlees loopt, dat je er tabak van hebt of dat je op het punt staat jezelf van kant te maken), waarna je de tros spenen die ze standaard in haar hand heeft van haar afpakt. Dan loop je de kamer uit, trek je de deur dicht, wacht je tien seconden op de gang (het gegil gaat dan werkelijk door iedere denkbare geluidsbarrière heen), waarna je weer binnenkomt en een compromis voorstelt.
"Oké, jij krijgt je spenen terug, als je belooft nu op te houden met dat hysterische brullen."
Dan volgt er vaak nog een stukje kalmering in de vorm van lichamelijk contact; dan moet ze even met haar gezicht in je nek liggen en wat nasnikken en daarna kan de victorievlag gehesen worden. Het is even door de zure appel heen en ik betwijfel ook ten zeerste of het een volledig Nanny Jo Frost-approved methode is, maar ook zonder het keurmerk van die opvoedkundige betweter, durf ik te stellen dat het hier in huize Jans/Zitvast/de Waard een 95% slagingspercentage kent. Ik zou het succesvol willen noemen. Ook nu: het is stil.#dikkewinst

Zo ergens halverwege de ochtend werden de pubers wakker (Wout gisterenavond nog: "Mam, kun je mij bijtijds wakker maken? Ik wil vroeg naar Klinkhamer." Om vervolgens pas ergens tegen elf uur beneden te komen en een uur later te vertrekken… Welk deel het predikaat 'bijtijds' kreeg is mij volstrekt onduidelijk.) Van Wout heb ik nog een klein stilleven weten vast te leggen op beeld. Het is een foto (maar eventueel op aanvraag ook verkrijgbaar in olie op doek) en ik noem het: 'Halve pot Nutella aan mes op rand van wasbak'.)
 Ik heb Floor naar m'n moeder gebracht, die wilde daar zwemmen en Belle en ik zijn even langs de markt geweest, want je maakt de kleine meid zo blij met een visje. Nadat ze eerst het bakje ravigottesaus had leeg gelepeld (ik vraag al expres een heel klein beetje, ze zou rustig een 500 ml pot wegscheppenals ze die kreeg) stortte ze zich op haar vis. En ook daar moet uiteraard veel over gesproken worden, weinig dingen blijven vrij van commentaar. "Het is lekker mama! Het is echt heel lekker! Deze visje is echt lekker hoor!" Het was té lief.

Haar woordenschat explodeert momenteel. Het gaat harder dan haar brein verwerken kan en dat levert hilarische gesprekken en zinsconstructies op. Ze gebruikt namelijk woorden waar ze de betekenis niet van kent. Zo deed vanmiddag het woord 'inmiddels' z'n intrede. Het werd alleen op een wat opmerkelijke manier gebruikt.
"Inmiddels mag ik een pakje drinken mama?"
En er was ook wat spraakverwarring toen we Jip bij de trimsalon ophaalden. Jip was voor het eerst in z'n leven geschoren. Niet kaal, dat zou ik namelijk emotioneel totaal niet trekken, maar zo kort, dat we geen last meer hebben van dat extreme haarverlies. Onder de dikke laag Jip-haar blijkt een gestippelde huid te zitten, die nu duidelijk te zien is. Heel koddig. Een soort Jack Dalmatiër, maar dan in puppyvorm. En hij is ontzettend zacht. Dat ontging ook Belle niet, die met hoge stem begon te kirren tegen de gestylde hond die naast haar op de achterbank zat.
"Oooh Jip! Ooooh Jip! Wat ben je schattig! Wat ben je zacht! Jij bent echt heel zacht. Jij bent zo slim!" Dat laatste slaat natuurlijk nergens op. Jip is veel. Maar Jip is niet slim.

Ach, zo hadden we nog een paar van die voorbeelden, die ik helaas niet heb weten vast te houden in mijn geest. O ja, vanmiddag had ze ineens iets te vieren.
"Gelukkig Nieuwjaar, mama!"
Geen enkel idee waar dat ineens vandaan kwam. Je wil haar natuurlijk niet voor het hoofd stoten, dus ik heb haar ook maar de beste wensen gedaan.
Of dat moment dat we de deur uit zouden gaan, maar ik nog even iets moest pakken. Ze had haar drinkbeker, een pop, een fles voor de pop en een speen gepakt en een zonnebril op haar hoofd gezet en spoorde mij aan op te schieten.
"Mam, kom je nog? Jij moet doorgaan."  
Het is een soort voortdurende one-woman-show. Vooral de momenten waarop ze haar bazige karakter de boventoon laat voeren zijn hilarisch.
Zo kreeg een van haar poppen er weer genadeloos van langs.
"Popje, ik ben het nu echt zat! Jij moet nu gaan slapen, ja! Anders word ik HEEEEEEL boos! Ik ben je echt heel zat!" En dan dat opgeheven kleine vingertje erbij en die ziedende frons. Dat ze zelf niet door heeft dat het iedere vorm van kolderiek mijlenver te boven gaat, is bijna onvoorstelbaar.

Ik hoop dat ik haar morgen een beetje bijtijds wakker krijg na de lange zit van vanavond, want ik moet om 10.00 uur voor een interview in Kampen zijn – of all places, dus ze moet bijtijds naar 'De Kindjes'. Nog één keer en dan gaan we op vakantie, heb ik haar vanavond nog gezegd. Dat gaat dus morgen weer een fikse discussie opleveren, want die verwacht bij het verlaten van het terrein waarschijnlijk dat we rechtstreeks doorrijden naar Schiphol, naar 'de vliegmachien', zoals ze een vliegtuig consequent blijft noemen.

Op de etappe van vandaag is een paard geplakt. Ze keek er aandachtig naar. "Als je morgen wakker wordt, nog drie nachtjes slapen en dan is papa er weer. Hoeveel nachtjes Bel?"
"Een, twee, drie, vier, vijf, zes, zeven."
"Joe!"
"Belle is twee jaartjes!"
"Heel goed."
Toont vervolgens een complete hand met vijf vingers. Kijk, het kan natuurlijk niet allemaal hoogbegaafd zijn, wat de klok hier slaat.

Nou, dit was de laatste donderdag zonder jou. Het lijkt erop dat we het gewoon gaan overleven, deze ellenlange scheiding. Voor zo, slaap lekker. Ik ga kijken of ik nog een paar minuten voor mezelf kan claimen…

woensdag 20 juli 2016

Waanzinnig warme woensdag, met een kutvis en een kaktuin

Het klonk misschien allemaal zo gesmeerd gisteren, het relaas over de hele avondsetting hier, maar niets was minder waar. Ik had mijn verhaal nog niet koud afgetikt en me gestort op een docu over de Nijmeegse Vierdaagse (kijktip van mijn stiefvader Walter), toen er van boven een ijzingwekkend gegil klonk. Waar normaal een liedje en een kus nog wel werkt, was het nu categorie 'niet stil te krijgen'. Ja, op mij. Just as the old days...

Dus daar lag ik, vol ongeloof naar mensen te kijken die voor de lol 40 of 50 kilometer wandelen, met een verhitte plakkerige peuter op mijn borst. Na tien minuten was ik er wel klaar mee. Ik ben geen kangoeroe!
"Mama gaat jou weer naar bed brengen, lieverd", fluisterde ik zachtjes in haar oor, terwijl ik mezelf op extreem oncharmante wijze in al mijn non-soepelheid van de bank af probeerde te hijsen. En waar ik dacht dat ze  volledig buiten westen was, bleek ze ineens toch nog in het land der levenden te zijn.
"NEE! IK WIL BIJ JOU LIGGEN!"
De toon waarop het gezegd werd, liet geen enkele twijfel of andere optie open. Belle had beslist.
ik heb het, tegen beter weten in, toch nog geprobeerd. Ik heb haar in haar bedje gelegd, gezongen, een kleine stukje kleinkunst weggeven door Peppa haar welkom te laten heten ('Hey Belle! Ik miste je al, kom je weer lekker bij mij liggen?') maar het was kansloos.
"IK WIL BIJ MAMA!"
Dus ik weer met baby en al naar beneden - zelfs even loslaten zat er niet in - alle lichten uitgedaan, Vierdaagselopers gedag gezwaaid en via de badkamer naar de slaapkamer. Onze slaapkamer.
"JAAA! GROTE BED!", riep ze enthousiast, toen ze in de gaten had wat er ging gebeuren. En nog voor ik er een voet in had kunnen zetten, had ze zichzelf al opgekruld, kontje omhoog, handjes onder haar buik en leek ze zelfs al te slapen. Ik kroop ernaast en opende Facebook op mijn telefoon. Dan maar even het wel en wee van de social-lui uitchecken. Naast mij draaide iemand zich abrupt om, schoof wat op en legde haar hoofdje op mijn borst, met perfect zicht op de telefoon.
"Gaan we even gezellig kijken mama?"
"Nou, nee. Jij gaat even gezellig slapen. Het is half twaalf geweest. Ik ben wel een beetje klaar met jou."
Noodgedwongen zette ik mijn telefoon uit en staarde in het donker wat voor me uit. So far tijd voor mezelf dus. De warme peuter naast me, drukte zich behaaglijk tegen me aan, legde een armpje om mijn nek en trok haar speen nog eens vacuüm. Het klonk alsof ze sliep. Ik durfde niet meer te bewegen, maar wist ook zonder enige medische interventie dat mijn lichaamstemperatuur nu een gevaarlijke hoogte had bereikt. Na een kwartier rolde ik heel voorzichtig onder haar vandaan. Nét op tijd. Het was kritiek, ik kookte inmiddels.

Zo'n twee uur later was ik er klaar mee. Ik had nog geen oog dicht gedaan, althans, niet met de slaap als gewenst effect. Hoe fijn het ook is om naar je snurkende kind te kijken, het is niet goed voor je nachtrust. Daarbij was ik als de dood dat ze morgenochtend om 05.00, of zo ergens rond zonsopgang, klaarwakker zou worden bij de opwinding dat ze niet in haar eigen bed lag, maar in mijn bed. En dat in mijn bed ook mijn telefoon zou liggen. En dat ze dus een paar handelingen verwijderd was van Peppa. En dat ik dan dus met drie uur slaap weer naar die veel te vrolijke roze bagger-big moest luisteren.

Ik tilde haar op, sloop met haar de trap af en legde haar terug in haar eigen bed. Met succes. En toen was er een mug. Zo'n mug die mij normaal altijd met rust laat, maar de schenkstroop uit Taco's aderen opzuigt. Bij gebrek aan zoet bloed, nam dit afgrijselijke insect genoegen met mijn citroensap. Dus zo liep ik om 02.00 de kamer af te speuren. Onze kamer, die op het bed na werkelijk geen énkele kleur buiten wit kent, maar toch nog een soort verstopparadijs voor muggen blijkt te zijn. Het zat mij allemaal niet mee.

Vanmorgen kwam de aap uit de mouw.
"Belle was in het grote bed! Belle moest even huilen. Ik was bang mama, het was heel eng."
Ah. Een nachtmerrie dus. Ze is er nog meerdere keren op terug gekomen. Het moet een horrorfilm zijn geweest.





We zijn inmiddels een dag- en avondprogramma verder. Er is gebarbecued in Vinkeveen, koffie gedronken op de plas en 'gekakt in de tuin'. Dat wil zeggen: in de luier, tussen de planten. Je leest het goed inderdaad, 'kakken'. Dat is van de ene op de andere seconde de nieuwe benaming geworden voor poepen.
"Wat zit je te doen Bel?"
"Ik zit hier even te kakken, ja?"
Ik weet ook niet van wie ze dat nou weer heeft. Ach, het valt allemaal in het niet bij de naam die ze de eenarmige kreeft die Wout voor haar ving toedichtte.
"Dat is een kutvis." Mevrouw Jans had gesproken.

Het heeft allemaal geen nut meer. Verloren zaak. Ze vloekt als een bouwvakker, met haar koddige engelengezichtje.

Woensdag 20 juli gaat de boeken in als een bar-hete dag in Nederland, maar volgens mij doe jij in Frankrijk niet voor ons onder. En dan hadden wij de verkoeling van de Vinkeveense Plassen...

Nog vijf nachtjes slapen.

dinsdag 19 juli 2016

Dinsdag, over dode bikini's en vrachtwagens van De Keurslager

Floor zat vanmorgen op haar praatstoel. En dat is op zich reuze gezellig, ware het niet dat er dan in de maalstroom aan woorden ook een berg bagger op tafel komt. Ik zal je alle details besparen, maar het volgende volstrekt zinloze gesprek wil ik je niet onthouden.
"Gisteren, toen ik bij Emma was zwemmen, toen fietste ik over de Hoofdweg. En toen kwam ik de vrachtwagen van De Keurslager tegen."
Ik liet even een stilte vallen, in de hoop dat er nog een clou kwam, maar die bleef uit. Dit was het. Ze had het busje van de slager voorbij zien rijden.  Ik keek mijn dochter alleen maar verbijsterd aan. Was dit werkelijk het nieuws? Had ze hier werkelijk minimaal twintig woorden uit haar vocabulaire aan verspild?
"Floor, is dit het? Wat moet ik met deze informatie? Of denk je serieus dat ik hier iets nuttigs mee kan?"
Ze trok een gezicht zoals alleen Floor dat kan (een soort bizarre mix van extreem onnozel en volslagen krankzinnig) en ze schudde haar hoofd.
"De Keurslager. De vrachtwagen van De Keurslager. Ongelooflijk."
En waar ze op dat moment ook in had kunnen zien hoe belachelijk haar verhaal was, knikte ze razend enthousiast en instemmend. Ze dacht blijkbaar dat bij mij de ware scoop achter haar onthulling doordrong.

Kort daarna kwam er redding in de vorm van een vriendinnetje die appte of ze kwam zwemmen. Uiteraard keurde ik dat plan goed. Ik had even ruimte in mijn hoofd nodig voor het hele Keurslagerverhaal. Maar die rust werd mij niet direct gegund. Nadat ze een paar minuten boven had gerommeld, kwam ze wat opgefokt de kamer binnen.
"Oké.  Mam, mijn ene bikini schijnt door, de andere is te groot en weer die andere is dood."
"Dood? En die met die streepjes dan, die ik laatste gekocht heb?"
Ze rolde met haar ogen.
"Ja, die vind ik dus echt niet mooi hè?"
"Floor! Zeg dat dan meteen! Nu heb je het kaartje eraf gerukt, dat ding één keer gedragen en onder in je kast gegooid. Dat is toch zonde?"
"IK VIND 'M NIET MOOI!" (Denk vanaf hier de verder conversatie al krijsscène voor de ultieme beleving.)
"JA! MAAR DAN HAD JE DAT TOCH METEEN KUNNEN ZEGGEN!"
"JA, SORRY HOOR! IK MAG TOCH OOK EEN MENING HEBBEN."
"HET IS EEN HARTSTIKKE LEUKE BIKINI!"
"VIND JIJ JA!"
"HET ÍS EEN LEUKE BIKINI!"
"VIND IK NIET!"
"WAT IS ER NOU MIS MEE?"
"MAM, HET IS MIJN SMAAK NIET! Kunnen we zo even een nieuwe kopen?" (Denk die laatste zin dan ineens weer poeslief.)
"NEE! JE TREKT DIE MET DIE STREPEN MAAR AAN!"
"JA JEETJE!!!!"
Ze stampte zo hard als ze kon de kamer uit (wat best een hele klus is als je zo klein en frummelig bent) en denderde de trap op. Daar bleef het minuten lang stil. Heel bewust natuurlijk, want ze weet - manipulatief als ze is - dat ik dan op m'n zwakst ben, als ik in de veronderstelling verkeer dat zij boven in rouw is gedompeld vanwege mijn 'nee'. Dat ze misschien wel in haar dagboek schrijft over haar misère. Of stilletjes huilt en haar snikken in haar knuffels smoort, om mij maar niet van streek te maken. En dan ga ik malen. Over hoe rot het voor haar is, dat die ene doorschijnt, die andere te groot is, de derde dood is (wat dat ook moge betekenen) en de vierde te lelijk voor woorden. Mijn innerlijke gevecht laaide op en waar de ene kant riep: ZE IS NIET ZIELIG! gilde de andere kant: 'Meid, gun je kleine meisje toch een kekke bikini...' En zo kwam het dat ik een paar minuten later naar boven riep dat ze snel mee moest komen. Dat we Belle zouden halen en door zouden rijden naar de bikiniwinkel. Waar ze uiteraard een klein half uur later de allerduurste bikini op het rek aanwees en hemels bij keek. Oh lieve Heer in de Hemel, maak mij in een volgend leven iets minder zwak en meegaand.

Ik heb Floor bij haar vriendin afgeleverd, Belle op bed gelegd en toen ben ik zelf in deze hysterische bloedhitte nog wat gaan werken. Maar toen ik twee uur later boven in het ledikantje de sirene hoorde afgaan, besloot ik dat het genoeg was geweest voor vandaag. Op de spaarzame zomerse dagen, hoor je in een boot te zitten, als je die hebt.

Belle was in opperbeste stemming.
"Gaan we naar de boot?"
"Ja leuk hè? We gaan varen."
"Oke! Leuk hoor, mama. Gaan we naar opa en oma? HEY! MAMA AUTO! JOEPIE!" (Fiat in haar vizier.)
"Ja, we gaan naar opa en oma. Want daar is onze boot hè?"
"Ja, en Guusje."
"Ja, en Guusje. En de kippen..."
"Gaan we ook zwemmen? HEY NOG EEN MAMA AUTO, JOEPIE!!! HEEL KNAP BELLE! GOED ZO" (Inderdaad, met enige regelmaat complimenteert ze zichzelf bij correcte autoconstateringen.)
"Ja, jij wel denk ik. Mama is niet zo'n zwemmer."
En toen reden we het parkeerterrein op en was de hysterie algeheel en compleet.
"JAA! NOG EEN MAMA AUTO! EN NOG EEN! EN NOG EEN! ALLEMAAL MAMA AUTO! EN EEN OMA AUTO! HEY! EN AUTO JOEN!"
Die was nieuw. Zou ze nu naast Fiats en Renaults ook Fords herkennen? De aangewezen auto had net de achterklep open staan, zodat de spanning er even in bleef. Maar UITERAARD herkende ze nu ook Fords. Heel vrouwelijk is het niet allemaal. Maar wel reuze knap natuurlijk.

We hebben even heerlijk gevaren, Belle heeft met mijn moeder gezwommen, ik heb vanaf de kant wat leuk toegekeken en we hebben zélfs in Vinkeveen gegeten. Heel spontaan allemaal, het was één dolle boel.
Toen we weer in de auto stapten om richting Waverveen te rijden, keek ze tevreden.
"Het was héél leuk mama. Gaan we morgen weer naar opa en oma?"
En dan dat stemmetje erbij...
Ik kon haar gelukkig goed nieuws brengen, want voor morgenavond staat er een BBQ in Vinkeveen gepland. Het kan niet op allemaal. En we gaan wéér varen, het moet je een gerust gevoel geven dat je boot deze zomer toch nog gebruikt wordt. Als je nou snel terugkomt en dit weer nog even aanhoudt, mag je een keer mee. 


En dan nog tot slot een bizarre uitsmijter: we hebben een primeur. Een nog nooit eerder vertoond fenomeen, dat mij een hoopvol, maar tegelijk ook beangstigend gevoel geeft. Het gevoel dat er iets niet klopt. Het is zo bizar, dat ik het gewoon niet kan geloven.
Wouter heeft na het zwemmen bij Klinkhamer uit zichzelf zijn zwembroek keurig over de radiator in de badkamer te drogen gehangen.
Ja, echt. Ik zag het net bij thuiskomst en heb er minstens een minuut of twee met tranen in mijn ogen naar staan kijken. Ik heb de broek zelfs aangeraakt, om te kijken of het geen waanbeeld betrof.
Nou dat dus. Je merkt het, er gebeurt hier veel tijdens je afwezigheid. 

Het aftellen is nu écht begonnen!

maandag 18 juli 2016

Maandag: over paddenstoelvoeten van 25 en 50 kilo...

Bloedheet. Zo laat de dag zich het beste omschrijven. Niet dat je mij hoort klagen hoor, integendeel. Eindelijk zomer, zo zucht Nederland massaal en opgelucht, alsof we al-tijd pech hebben. We hebben het zo zwaar.

Maar goed, die plotselinge zomer vraagt natuurlijk om maatregelen. Zwembad, parasols, het hele zon-assorti moest tevoorschijn worden getoverd. Maar eerst bellen met KPN. We zijn immers anderhalve week verder en ik bel nog steeds met een extreem verouderde iPhone. Ja, een soort schaamte voel je er wel bij, als je met zo'n vooroorlogse 5 aan je oor hangt. KPN kon uiteraard helemaal niets voor mij betekenen, in de anderhalf uur en in totaal drie keer bellen (want verbinding of twee keer toe verbroken, al dan niet expres, dat laat ik in het midden). En aangezien KPN Callcentre ergens in het Oosten zit, moet je dan ook een keer of tachtig per gesprek excuses met een boerentongval horen. Dat maakt het er allemaal niet beter op natuurlijk. Ik overweeg toch bij Vodafone te blijven, hoewel KPN mij (en vooral Belle inmiddels) flink in de greep heeft met het reeds gegeven cadeau dat Baby TV heet. Ik kan niet meer zonder. Wé kunnen niet meer zonder. Zo bleek ook vanmorgen weer, terwijl buiten de mussen dood van het dak vielen, ik voor de vijfde keer in anderhalve week tijd zo  ongeveer al mijn gegevens buiten mij bh-maat aan de KPN medewerker doorgaf: aan Belle geen kind. Ze lag als een dweil op de bank Baby TV te kijken. Ze heeft nog even in een onbewaakt ogenblik twee etappes op de aftelkalender met stickers afgeplakt, wat best een probleem is als je bedenkt dat ik ook nog ergens moet wegwerken dat er morgen niet gefietst wordt. Volgens de kalender kom je over vier dagen thuis. God wat ben ik blij dat ze nog niet kan tellen.

Ze heeft een luie dag. Dat komt natuurlijk door gisteren; wéér dat middagslaapje overgeslagen. Ik moet het echt niet meer doen. Toen ik haar naar bed bracht gisterenavond, zei ik het al: dit gaat weer een gekke avond worden, hè meid? En ja hoor, Ranking The Stars was nog geen toen minuten onderweg of de eerste overdetoeren-aanval was binnen. Kleddernat van tranen en zweet en snikkend alsof ze al dagen alleen in dat bedje lag. Ze heeft even bij mij op de bank gelegen. Lekker meekijken hoe het belang van seksualiteit voor Gerda Havertong werd ingeschat. Weer eens wat anders dan Baby TV.

Tijdens de KPN-tettersessie, heb ik me nuttig weten te maken door het zwembadje te vullen met water. Maar dat water stond na afloop van het gesprek bijkans te koken. Leuk, dat wonen met een tuin op het zuiden, maar dan moet de zon niet schijnen natuurlijk.
"Kom Bel, we gaan een parasol kopen."
"JA! Een paddenstoel! We gaan een paddenstoel kopen."
Ik besloot er niet tegenin te gaan. Dit was er eentje in de categorie 'expres' namelijk. Net zoals ze heel doelbewust een plakje kaas, plakje plaas noemt.
Een half uur later waren we weer thuis. Met een zwarte paddenstoel met een voet van 25 kilo. Toen alles was uitgepakt en in elkaar gezet (verre van een fijne bezigheid als het zo warm is), bleek ik een regelrecht moordwapen te hebben aangeschaft. Als deze parasol zou vallen, en dat dit ging gebeuren was een aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid met deze te lichte voet, dan zou ie alles meenemen en doodmaken wat in de vallinie lag. Ik kreeg er de zenuwen van en klapte de paddenstoel weer in. Verdomme. Dit soort dingen gaat bij mij gewon nooit in één keer goed. En al helemaal niet op dagen die beginnen met extreem moeizame gesprekken met callcentre-medewerkers. Dan kan ik maar beter meteen terug mijn bed in gaan. Maar zeker niet naar een doe-het-zelf-winkel rijden.

Ik heb Belle op bed gelegd, haar batterij was na het Karweibezoek helemaal leeg getrokken en ik heb Wouter als oppas ingeschakeld. Even een zwaardere voet halen. Iets van 30 kilo ofzo.
Nou, zo werkt het natuurlijk niet. De sprong naar een maatje meer betrof een slordige 25 kilo, dus reed ik even later met 50 kilo voet in mijn Fiat terug naar huis (geholpen door een boomlange en oersterke Karweimedewerker). Thuis moest ik het van mijn wat minder grote medewerker hebben.
"Wout, kun je mij even helpen tillen?"
Wout sleurde zichzelf slap van de inspiratieloosheid achter de computer vandaan en keek mij aan alsof ik vroeg of hij even de voor- en achtergevel wilde schuren en opnieuw in de lak wilde zetten.
"Ik heb een nieuwe voet gekocht. Die is heel zwaar." Hij ging er niet veel blijer van kijken, maar ik liet hem geen keus. Samen hesen we het ding uit de achterbak en voetje voor voetje schuifelden we richting achtertuin.
"Het is wel echt een mooie. 50 kilo. Net zoals die andere, ook zwart. En met wieltjes", tetterde ik blij.
Wout stopte abrupt.
"MAM! MAM! Met wieltjes? En dat zeg je nu?"
Hij liet nog net niet het gevaarte op mijn geslipperde tenen donderen. Ik kon hem ervan overtuigen dat ik het echt niet door mijn woonkamer gerold wilde hebben. Hij ging akkoord, maar onder protest. Nah, het was gewoon dom van mij. Natuurlijk hadden we het ding vanaf de auto moeten rollen. Nu hebben we allebei een driedubbele hernia.
De paddenstoel staat inmiddels een heel stuk stabieler en ik acht de kans op een dodelijk achtertuinongeluk nu zo goed als uitgesloten. De hele dag heeft de parasol staan shinen, zonder dat er een kind in het zwembad ging zitten. Ze wilde niet. Pas tegen zes uur werd mijn setting in gebruik genomen.
"Belle gaat even in het bad, ja?"
"Ja, dat zou ik heel fijn vinden. Ik heb immers hemel en aarde bewogen voor dit kleine Waverveense waterparadijs. Je gaat niet in het bad plassen hè?"
"Nee hoor mama."
"Oké meisje."
En zo heeft ze even lekker met een enorme zeemeermin en wat bakjes in het water zitten rommelen. Heel zomers allemaal. Net echt ook.

Ze gaat er vanavond bijtijds in. Iets meer energie is voor alle partijen morgen wel prettig en daarnaast heb ik zo nog een interview. Als dat is afgehandeld, ga ik misschien wel even in het badje zitten. Even bijkomen van deze verhitte dag.

Nog een week!

zondag 17 juli 2016

Zondag - Zpeeltuindag

"Is ie heelhuids thuisgekomen?"
Dat is natuurlijk de enige belangrijke vraag die deze zondag door de hoofden van het meelezerspubliek giert.
Ja, hij is heelhuids thuisgekomen. Maar vanaf 19.02 deed zijn telefoon niets meer, want: batterij op. Dat ik van tevoren met klem had gevraagd of hij met een volledig opgeladen telefoon naar dat feest wilde gaan, ik waarschijnlijk geparkeerd in de hersensectie 'dingen die mijn moeder zegt, waar ik me geen reet van aantrek'.
Terwijl ik met Floor de meisjesklassieker Clueless op Netflix keek, opende ik om de paar minuten whatsapp in de hoop dat hij per ongeluk zijn telefoon had uitgezet en daar ineens was achtergekomen. What was I thinking. Natuurlijk zou hij de hele avond niet meer online komen. Of op een andere manier contact zoeken. We zouden hem gewoon ergens in de loop van de avond, maar waarschijnlijker 'na middernacht', zien verschijnen. Zo werkt dat met Wout. Maar dat wil dus geen moeder met haar kind van 15.
Nadat Floor naar bed ging, heb ik niet veel meer gedaan dan wanhopig het fietspad afstaren. En koken van woede. Jeroen en ik hielden om de zoveel minuten contact.
"Is ie er al?"
"Nee."
"Nog niets?"
"Nope."
En toen uiteindelijk kwam het verlossende  woord. Hij was naar Jeroen gefietst.
Ja, ontploffing natuurlijk. Alle spanning klapte er in één keer uit, tegen Jeroen uiteraard die Wout heel verstandig bij de telefoon weghield.
Ik heb vannacht allemaal sancties bedacht. Maar het heeft geen zin. Het is Wouter. Ik kan er maar beter aan wennen. Het gaat vast nog veel erger worden.

Vandaag zijn we naar de Lineaushof geweest. Je weet wel Europa's grootste speeltuin. Ik twijfel al mijn hele leven aan die slogan, maar wat waar is is waar: het is een fors kinderparadijs.
Belle moest even loskomen. Het is natuurlijk ook niet niets, een gebeuren met allemaal klimtoestellen, schommels en zandbakken waar ook nog eens andere kinderen waren. Heel veel andere kinderen. En dat kon niet de bedoeling zijn. We zetten ons neer in de peuter/kleursectie en Floor ging richting trampolines. Maar er was eigenlijk maar één ding waar ze echt voor kwam. Het watergebeuren. Een hysterische wirwar van sproeiers, bakken met honderden liters water die ineens omdonderen en watervallen.
De pret duurde tien minuten. Voor Floor. Toen had ze het - en ik lieg dit niet: KOUD. Terwijl Belle helemaal in haar element kwam, overal opklom en andere kinderen met een venijnige plek toeblafte dat ze op moesten rotten (oké, ze zei dat ze er niet aan mochten komen, maar de strekking van de woorden is uiteraard hetzelfde), pakte Floor haar telefoon, deed haar oortjes in en trok zich terug in de wereld achter haar schermpje. Het zou Bel een rotzorg zijn dat ze het zonder haar zus moest doen. Ik had moeite het tempo bij te houden en probeerde uit alle macht te voorkomen dat ze ergens genadeloos van af zou lazeren. Het was topsport.


Inmiddels zijn we weer thuis, staat de soep op, is Jeroen gearriveerd voor de zo-mi-bo (Belle maakt een bijzondere combi van vis met Nutella voor hem...) en Mick komt er zo ook aan. Ik hou 'm daarom kort vandaag. Zoals ik gisteren had gezegd: het is voor mij ook weekend natuurlijk. Ik zal morgen eens kijken of ik er een langer avontuur uit kan persen.

zaterdag 16 juli 2016

Zaterdag - Wouter naar een dancefeest, met de meisjes stand by


Jezus. Het is een gekke dag. Mijn zoon is naar een dancefeest. 15. Ik kan hier uiteraard een heel relaas op tekenen over hoe hij zo heel kort geleden nog rook naar Zwitsal en hij me dagelijks onder kotste met z'n kleine bekkie, maar daar doe je het kind natuurlijk ook geen plezier mee.
'We are the future', het heet. Dat dancefeest. Je mag er alleen in als je onder de 18 bent, wat de kans op drank- en drugsmisbruik niet uitsluit, maar wel beperkt.
"Kijk je uit schat, het kan zomaar zijn dat er mensen stijf staan van de pillen."
"Mam, het is een onder de 18-feest."
"Nou, een pil is buiten de poorten snel geslikt hoor. En dan is het goed loeien, gedurende de hele dag. Dus kijk maar uit", waarschuwde ik. Eigenlijk wist ik niet op welk gevaar ik nou doelde, buiten het feit dat ik hem duidelijk wilde maken dat hij er niet mee weg zou komen als hij er eentje zou nemen. Ik vertelde Jeroen (die vandaag een paar kilometer verderop op een ander feest hangt) van mijn pedagogisch belerende praatje.
"Ja, het is wat Hes. Straks heeft er iemand een pil geslikt. Dan moet Wout uitkijken dat ie niet wordt doodgeaaid."
Zojuist ging de telefoon voor de eerste keer, ik had de stiekeme hoop dat het feest niet door ging of dat hij toch liever hier thuis kwam gamen en eten.
"Ja, laat maar. Ik heb m'n ID nodig. Dus ik wilde vragen of je even een foto van mijn paspoort wil sturen, maar dat heb je al een keer gedaan en die vind ik nu net."
"Oké. Doe je voorzichtig?"
"JA."
"Bellen als er iets is hè?"
"JA. Later."

Ik sta zo stand-by als zo'n boot van de Koninklijke Nederlandse Reddingsmaatschappij. Je weet wel, die dingen die in de takels boven het water hangen, die je lanceert als er ergens nood is. Ik heb me voorgenomen vandaag geen druppel alcohol te drinken en mijn telefoon niet los te laten. Misschien laat ik de motor van mijn auto wel de hele dag draaien. Kan ik er zo inspringen. Het kan zo maar eens zijn dat ik vanavond wordt ingevlogen om 'm ergens te redden. Dat ie verdwaald is ter hoogte van de Ikea bijvoorbeeld. Of dat hij zijn laatste geld niet heeft besteed aan een buskaartje, maar aan een hamburger. Dat werk.

Ik ben overdag alleen met de meiden. Ik heb ze vanmorgen duizend te-doen-dingen voorgesteld, van speeltuin tot museum tot Amsterdam tot kinderboerderij, die door Belle werden genegeerd en door Floor zonder woorden, maar met een blik vol intense haat en afschuw. werden afgewezen . Ja, toen ze vanmorgen binnen kwam, had ze grootse plannen viral te gaan met een ruilactie. Dat je een paperclip ruilt tegen een blocnote en uiteindelijk eindigt met een racepaard of een bubbelbad. Ik heb er een veto opgelegd. Ik kon niet helemaal omschrijven wat ik er precies niet goed aan vond, maar het zou alleen maar ellende gaan opleveren, was mijn eerste emotie. Misschien ligt de zin 'van ruilen komt huilen' daar wel aan ten grondslag. Los daarvan: wat moet ik met een racepaard of een bubbelbad.

Hoogtepunt tot nu toe waren de Jehova's die hier rond half tien (!) aan de deur kwamen vragen of ze even met mij van gedachten konden wisselen over het geloof. Ik ben er kort en zeer krachtig in geweest.
"Heren, als je bij iemand geloofstechnisch helemaal NIETS kunt slijten, dan is het wel bij mij."
Ze openden hun mond alweer om deel twee van de overtuigingstechniek in te zetten, maar ik zei ze gedag en sloot de deur. Stiekem baalde ik ervan dat de hele scene met de voet ertussen uitbleef, dat had me namelijk erg leuk geleken. Gewoon een extra opwindingsvernuft op de vroege ochtend.

Ik heb het opgegeven vanmiddag nog wat te plannen met de meiden. Belle ligt te slapen, Floor zit op haar kamer en ik ga maar wat interviews uitwerken. Zo wordt deze zaterdag toch nog nuttig.

Een wat korter verslag dit keer, maar het kan niet alle dagen feest zijn. Voor mij is het ook weekend.