Doorgaan naar hoofdcontent

Over drie blauwe kaarten en slavinken

Ik kan niet zeggen dat mijn leven er heel veel makkelijker op is geworden sinds Wouter naar de middelbare school gaat. Het leven van Jeroen overigens ook niet. En het leven van Taco ook al niet. Eigenlijk hebben wij allemaal extreem te lijden onder zijn nieuwe leven. Wouter vindt dat hele gebeuren op de middelbare school maar dikke onzin. Hoe hard ik ook roep dat hij het toch echt nodig heeft om later een geslaagd zakenman met dito inkomen te worden, hoe minder ik er zelf in geloof. Want ik begrijp heel goed dat het hem geen ene ruk interesseert.

Neem geschiedenis. Dat is gewoon een ongelooflijk bout-vak. Het hedendaagse kind heeft amper besef van wie er momenteel op vijandige voet met elkaar leven (Isis, dat is toch dat meisje uit groep 6?), maar ze moeten wel weten wie Karel V was. Ik had geen flauw idee. En dat heb ik nu eigenlijk nog steeds niet, ondanks dat ik, net als Wouter, hoofdstuk 1, paragraaf 1 & 2 heb geleerd. Ik doe namelijk mijn middelbare schooltijd over. Dat moet wel, anders doet Wout niets.

Na een dramatische start in de brugklas, is zijn cijferlijst dit tweede jaar prachtig. We zijn trots. Gematigd trots (we weten immers dat het ieder moment weer kan omslaan en dat de mooie cijfers er niet zonder bloed, zweet en tranen zijn gekomen), maar trots. We houden hem grote cadeaus voor bij een mooi kerstrapport. Grote bedragen om vuurwerk van te kopen, desnoods knetter illegaal en levensgevaarlijk, als er maar voldoendes op die lijst blijven staan.

Vandaag lag er een brief op de mat bij Jeroen. Dat het de school zorgen baart dat Wouter er dit trimester al drie keer is uitgestuurd. Drie blauwe kaarten. We wisten het al. Bij één incident was er een mug met een boek op het hoofd van een ander kind kapot geslagen. Wouter stond aan de zijlijn en was de lachende derde. Of beter: de verliezer. Want hij mocht eruit... Hij lachte te hard.
De brief was boos van toon. Of wij onze zoon aan willen spreken op zijn gedrag. Uiteraard. Jeroen en ik spraken hem streng toe en kregen nul reactie. Gewoon, omdat hij daar op dat moment geen zin in had. We herhaalden onze woorden, nu iets harder, krachtiger en strenger, maar weer misten onze dreigementen hun doel. Het bleef stil op de bank, waar onze zoon als een verwassen grand foulard overheen lag gedrapeerd, de tong nog net niet uit de mond. Nee, hij was niet dood. Hij was aan het chillen, dat doen pubers. Het werd Jeroen teveel. Die schreeuwde loeihard: WOUT! En toen kwam er een reactie. "Jaha, ik hoor jullie." Daar twijfelden wij ook niet aan. Het was het gebrek aan reactie waar wij ons zo over opwonden.

Ineens kwam er leven in het ongeïnspireerde schouwspel op de bank, alsof hij werd gestoken door een wesp. "PAP! Ik heb geen zin om wéér slavinken te eten! We eten bij jou ALTIJD SLAVINKEN!" Hij huilde er nog net niet bij en Jeroen en ik keken elkaar wanhopig aan. De drie blauwe kaarten waar wij hem op aanspraken leken hem totaal niet te interesseren. Het was de avondmaaltijd, waar hij zich over opwond.

Er moet meer steun komen voor ouders van pubers. Overheidssteun. Psychische steun. Wij hebben echt een heel, heel zwaar leven...

Reacties

Populaire posts van deze blog

Bericht vanuit het oorlogsgebied

Ruzie. Ik weet dat ik het als kind te over met mijn broer heb gemaakt, maar daarover wil ik alleen maar zeggen: kijk naar 'm! Ik kon écht niet anders!


Maar Floor en Wout...daar begrijp ik de ruzies totaal niet van. Twee leuke kinderen, maar waarom is het in dit geval leuk + leuk = pure horror?

Ze lijken elkaar bij vlagen te haten. Maar dan ook echt te haten. Ik weet dat het niet zo is en ik weet ook dat het later allemaal wel weer rechttrekt en ze waarschijnlijk later met hun gezinnen samen gaan skiën en kerst vieren, maar de intensiteit van hun clashes doet anders vermoeden.

Oorlogen ken ik alleen uit geschiedenisboeken, van het journaal of door opa's overlevering, maar dat wat hier thuis gaande is, kan zo in het rijtje der grote veldslagen. Soms heb ik ook het gevoel dat ik de buitenwereld op de hoogte moet brengen als een soort oorlogscorrespondent. Dat ik dan Youtube gebruik om jullie kleine updates te geven van de verbale bombardementen en de rake klappen die worden uitge…

dewaard.web-log gaat verder als hestekst.blogspot

Alles heeft z'n grenzen, laat dat bij deze duidelijk zijn. Dat web-log een maand geleden zonder enige vorm van aan de gruwelijke waarheid grenzende aankondiging alle weblogs offline trok en ons bloggers in een vage sfeer van 'binnenkort meer' en 'we doen ons stinkende best' probeerde zoet te houden, heb ik even getrokken. Ik wil een op de helling verkerende organisatie echt wel even het voordeel van de twijfel geven. Het kan misgaan, overal. Ik bedoel: brand - dat kan overal uitbreken. Of je zal maar met je kantoortje gevestigd zijn geweest in het WTC ten tijde van 9/11. Dan ben je echt niet de week erna weer back in business. Nee, ik heb begrip voor bedrijfsproblematiek.
Maar kom op zeg. We vliegen naar de maan en we transplanteren een varkenshart in een aan aortavervetting lijdende giraf. We bedenken iets prachtigs als de iPhone of eigenlijk alles van Apple.  Kunnen we dan niet alles op alles zetten om binnen een paar dagen iedere met liefde getikte web-loglette…

Ik lijk op Mascha Kroko

"Jij lijkt op Mascha Kroko." Dat werd mij vanmorgen vroeg in bed gezegd, toen Belle en ik samen een poging deden tot het opnemen van een filmpje, waarbij mijn ochtendhoofd & kapsel vol in beeld kwamen. Paniek natuurlijk. Who the hell is Macha Kroko? Is zij een rolmodel? Een influencer? Een goede moeder? Een prinses? Is ze mooi? Heeft zij status? Moet ik blij zijn met het vergelijk? Marscha schijnt een tekenfilmfiguur te zijn uit een van Belles favoriete series, Boss Baby (door Belle consequent Big Boss Baby genoemd). Ik googelen natuurlijk. En dat is dus heel lastig, want als Belle de naam van de tekenfilm al niet eens vlekkeloos uitspreekt, dan zal Mascha Kroko ook wel een variant zijn op iets. We stuitten op de moeder van Boss Baby. Een zuur ogende vrouw met rood haar en een knot op haar hoofd. "Is ze dit? Is dit Mascha?" Ik merkte aan de manier waarop ik het vroeg - licht hysterisch - dat het mij meer deed dan zou moeten. Met iemand vergeleken worden is …