donderdag 31 oktober 2013

Een ongeluk zit in een klein hoekje...

Wouter heeft vanaf zijn geboorte een enorme fascinatie voor vuur. Terecht: vuur is geweldig. Uit angst voor een maandenlang verblijf in Beverwijk en een levenslange verminking, hebben Jeroen en ik hem vanaf de eerste communicatiemogelijkheid duidelijk gemaakt dat vuur niet alleen gevaarlijk, maar ook dodelijk is. Al sinds zijn kleutertijd vertel ik hem jaarlijks het verhaal over het jongetje bij ons op de lagere school, die zijn beide armen had laten wegsmelten door met een jerrycan benzine te spelen. Brandende benzine. Wout vond het eerder een spannend, dan een afschrikwekkend verhaal. Helemaal wanneer ik op het punt kwam waarop ik vertelde dat de vingers van het kindje alleen nog konden worden rechtgezet door ze alle tien te doorspiesen met ijzeren pennen. Wout is een bikkel. Geen spoortje van afgrijzen.

Ieder jaar start zo rond november de hel voor Wouts complete omgeving. Het gespreksonderwerp reduceert zich tot 'vuurwerk' en wij bevinden ons permanent in een onderhandelingsdiscussie over de hoogte van het uit te geven bedrag. Niet zelden hebben wij snikkend 1 januari omarmd. De opluchting die we voelden was enorm, eindelijk hadden we onze zoon weer terug. Eindelijk een vuurwerkfolderloos huis. Eindelijk weer andere zoekopdrachten bij Google dan 'Wat is harder? Een Poolse Nitraat of een La Bomba?' We maken geen grap, het is echt zo. Een ieder die hem de komende maanden van ons wil adopteren (geheel kosteloos, we geven zelfs geld toe!) kan zich aanmelden via deze website.

Een passie bij iemand weghouden zorgt voor een ongecontroleerde en rusteloze zoektocht naar iets bevredigends. Ik ken iemand, ik noem geen namen, die thuis geen snoep kreeg. Als hij dan vroeger bij ons thuis kwam spelen, vrat hij meer snoep in tien minuten dan een compleet uitgehongerd Afrikaans land in een jaar zou doen. Dus geven wij Wout vuurwerk, laten wij hem er gedoseerd over praten en mag hij zo nu en dan thuis de waxinelichtjes aansteken. Want ja mensen, zelfs dát vindt Wout al mooi. Steevast vind ik, als hij dat weer eens heeft gedaan, een lucifer in het kaarsvet. Altijd lachen als er halverwege de avond ineens een flinke vlam uit het kaarsje komt. Ook vet grappig voor de moeder die zich dan weer tien minuten suf staat te soppen op de waxinelichthouder, die dan onder het roet en de druppels kaarsvet zit.

Gisteren einde middag, vlak voor het eten, was ik in de afrondende fase van mijn stofzuigsessie: complete huis van boven naar beneden. Ik word blij van een schoon en opgeruimd huis. Echt heel blij. Zo blij dat ik dan wel slingers en ballonnen zou willen ophangen, maar dat staat weer heel rommelig, dus riep ik naar beneden: "Woutje, doe jij alvast wat kaarsjes aan gezellig? EN NIET KLOTEN!" De bevestigende 'JOE!' volgde en ik riep nogmaals, ter verduidelijking van mijn vurige wens: "NIET KLOTEN!" De puberale "Neehee..." volgde.

Nog geen drie minuten later hoorde ik een paniekerige Wout van beneden. "MAM! KOM EENS!"
Omdat je een gestrande potvis ook niet moet bevelen even snel de zee in te duiken, riep ik: "Wat is er? Ik ben helemaal boven."
"KOM EENS! Er is iets gebeurd!"
Ik zag voor mij hoe er ergens een brandgat in was gekomen of hoe de net weer witte muren opgeleukt waren met een kekke roetvlek. Daar zou ik mijn enorme lijf niet overhaast voor van de trap laten rollen. Het leed was immers geleden.
"Brandt het nog? Kom maar naar boven, vertel het mij maar!"
Een halve minuut later keek ik in het geschrokken gezicht van mijn oudste zoon. Zijn pony en wenkbrauwen waren weggeschroeid en de gekrulde haartjes gaven een geur die mijn opgeruimde gevoel in één klap deden verdwijnen. Wouts snuit zat onder de zwarte vegen.
"Ik weet niet wat er gebeurde, maar ineens was er een enorme vlam! En nu zit er overal kaarsvet!"
"Ja, en je pony heeft in de fik gestaan. Fuck Woutje...wat heb je nou weer gedaan man! Je bent net naar de kapper geweest! Het ziet er niet uit. Ga maar even snel onder de douche staan, dan vallen de verbrande stukjes er wel af en dan knip ik het wel bij. Daar gaat je grootse entree op je eerste hockeyfeest zaterdag..."
"Het doet ook pijn."
Ik bekeek hem wat nauwkeuriger en zag een vel aan zijn lip hangen.
"AU! Je hebt ook een blaar! Heeft het vuur echt je gezicht geraakt dan?"
"Ik weet het niet! Het ging zo snel! Ik begrijp echt niet hoe het kan!"
Ik raakte in lichte paniek. Water, de rest komt later, toch?
"Je zal wel weer hebben lopen klooien! Wat zei ik je nou?"
"Mam, echt niet! Het waxinelichtje brandde al en ineens kwam er een enorme vlam!"
"Jaja.. Ga maar snel onder de douche."

Al tijdens de douchesessie werden de geluiden van pijn duidelijker. En toen hij eronder vandaan kwam, was zijn mooie gezichtje bedekt onder de blaren, die er tien minuten eerder niet zaten. Ik schrok me dood en belde de huisartsenpost, waar we direct terecht konden.
"Ik dacht eerst dat het niets bijzonder was...", verontschuldigde ik mij tegen de arts die Wout onder een lamp bekeek.
"Nou, dit is wel degelijk iets. Het zijn eerste en tweedegraadsbrandwonden, en op een heel vervelende plek. Het is vervelend voor hem dat het pijn doet, maar dat betekent wel dat het uiteindelijk weer helemaal geneest. Derdegraads voel je niet..."
Wout liet geen traan en zat dapper op de tafel gespikkeld te zijn. Koelen, was het advies. Meer niet.

Eenmaal thuis, gedrogeerd door paracetamol, werd het complete Veenlanden College ingelicht, met dramateksten als 'steekvlam van 20 centimeter en tweedegraads brandwonden - derde is het ergste'.
"Hey Wout, vertel je ze ook dat je vooral eerstegraads hebt?" 
Ik werd genegeerd, as usual. Eten ging niet. Vandaag al een stuk beter. En dankzij een tip van een inmiddels door haar zoon doorgebriefde drama, heb ik vandaag een door het brandwondencentrum onofficieel goedgekeurd middel bij de drogist gehaald.

Het valt dus allemaal mee, hoewel de pijn behoorlijk was en het resultaat verre van chique. Een ongeluk zit dus in een klein hoekje.
"Dit jaar geen vuurwerk", stelde Jeroen.
Daar voelde onze kleine man niets voor.
Blijkbaar is het nog niet erg genoeg geweest, vandaag zijn er al weer diverse vuurwerkpagina's online bezocht.
Nou, dan maar geen waxinelichtjes meer aansteken. We moeten ergens een grens trekken.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen